Ik ben mijn wachtwoord vergeten

Blog

Lof der zotheid

afbeelding van Jeroen Kloos

Een bekende titel van het satirische werk uit 1509 van de Rotterdamse humanist Erasmus waarin hij uitroept: ijdelheid der ijdelheden, alles is ijdelheid. In dit geschrift stelt hij tal van ondeugden en misstanden aan de kaak en spaart de kerkelijke- en wereldlijke leiders daarbij niet. Het geschift wordt dan ook in verschillende landen op de zwarte lijst geplaatst. Prediker 1,2 stelt echter dat er mensen zijn die zich aftobben en inspannen met wijsheid en kennis van zaken, maar wat ze daarmee verdienden, grotendeels moeten afgeven aan anderen, die zich niet inspanden. En ook dat is ijdelheid en grote onbillijkheid.
 
Vergelijkingen lopen altijd mank, maar het bericht over de afspraken die Albert Heijn met de Stichting Natuur en Milieu maakte over minder gewasbeschermingsmiddelen gebruiken, doet aan die uitroep in de ´Lof der zotheid´ denken. Zonder enig overleg met de sector wil AH dat binnen afzienbare termijn in totaal 28 middelen niet meer worden gebruikt op aardappelen, groenten en fruit die het bedrijf afneemt en in haar winkels verkoopt. Met de sector, die met verstand van zaken verantwoordelijk is voor de productie in ons land, werd niet gesproken. Kennelijk gelden die eisen, die vanaf 2019 van kracht zullen zijn, ook niet voor producten die uit het buitenland komen, en de interne Europese markt wordt weer opnieuw geschoffeerd.
 
Een ander aspect is de effectiviteit van die eis om het gebruik van middelen te minderen. Het is slechts een klein deel van de Nederlandse AGF productie, die in onze supermarkten wordt verkocht. Het grootste deel wordt geëxporteerd. Bovendien heeft AH slechts een beperkt aandeel van die binnenlandse markt. Zij is weliswaar een belangrijke speler, maar neemt maar een klein gedeelte van de totale AGF productie af. Als er dan ook nog substitutie met buitenlandse AGF producten plaatsvindt, is de impact van een dergelijke maatregel op het middelengebruik in ons land voorspelbaar gering en lijkt het meer op een actie om het eigen imago bij de consument te versterken. Mogelijk door onvolledige consumenteninformatie.
 
Het toelatingsbeleid van gewasbeschermingsmiddelen is in de EU en ons land wettelijke geregeld. Als partijen serieus, wetenschappelijk onderbouwd, zien dat een middel niet meer toegepast zou moeten worden, zijn er kanalen om dat te realiseren. Het toelatingsbeleid van individuele middelen lijkt echter steeds meer een politieke aangelegenheid te worden. Dat brengt willekeur met zich mee en om politiek gewin worden middelen die door voornamelijk de agrarische (relatief kleine) bevolkingsgroep gebruikt worden, in een kwaad daglicht gesteld. Mensen bang maken voor het product en de gevolgen voor het milieu, en actie ondernemen om over de rug van boer en tuinder het eigen imago te versterken.
 
Het zou wel eens een interessante vergelijking kunnen zijn om de impact van de residuen van anticonceptiemiddelen op het milieu in kaart te brengen. Via ´zuiveringsinstallaties´ van het riool zijn daar vastenzeker nadelige effecten voor de maritieme en andere biodiversiteit van te vinden. Het is echter zeker niet populair om daar actie tegen te voeren. Dat levert vast weinig politieke bijval en donaties op. Bovendien, alleen een algeheel verbod van een middel stimuleert onderzoek om een beter alternatief te ontwikkelen. Een beperking voor  een zeer klein deel van de productie, doet dat niet. De grote concerns die de nieuwe middelen kunnen ontwikkelen, werken mondiaal en niet in de achtertuin van AH. Het is te zot voor woorden.